tellen van maten

Het tellen van maten of zelfs van tellen binnen de maten is een praktijk die meerdere gulden snede-watchers gebruiken.[br]
Debussy
Roy Howat schreef in 1983 het boek 'Debussy in Proportion: A Musical Analysis. Cambridge UP.[br]Hij herleidt hierin een aantal stukken tot de opbouw naar een climax waarbij:[br]"[i]Howart notes that the dramatic climax of 'Cloches à travers les feulles' and of 'Mouvement' from Images (1905) occur [b]exactly [/b]when the ratio of the total number of bars to the climax gives [b]approximately [/b]1.618.[/i]" [br](sic [url=https://nntdm.net/papers/nntdm-20/NNTDM-20-1-72-77.pdf]Robert van Gend[/url]) [br]Verder komt Roy Howat tijdens het tellen van de maten in diverse werken regelmatig Fibonacci getallen tegen. [br]Ik vraag me af of hij elke 8 maten-blues ook bijzonder vindt, om nog niet te spreken van een compositie waarin een componist zomaar drie Fibonacci getallen zou combineren in een thema van 5 maten in 3/8-maat.
Liszt en Bartok en muzikale claims
Ook de muziek van Bartok komt in het vizier. De Hongaarse muziektheoreticus [url=https://en.wikipedia.org/wiki/Ern%C5%91_Lendvai]Erno Lendvai[/url] publiceert over zijn 'ontdekking' van de gulden snede in het Werk van Bartok. En zoals dat gaat, eens gepubliceerd blijven die claims rondslingeren in publicaties en op het [url=https://mathcs.holycross.edu/~groberts/Courses/Mont2/2012/Handouts/Lectures/Bartok-web.pdf]internet[/url].[br]Waar Albert van der Schoot in zijn boek 'de ontstelling van Pythagoras' de muziek nog onbesproken laat, gaat hij er op in in zijn artikel [url=https://www.nieuwarchief.nl/serie5/pdf/naw5-2009-10-3-203.pdf]Het is niet alles goud wat er snijdt[/url]. NAW 5/10 nr. 3 september 2009, in volle besef dat "[i]t[/i][i]egen het ware geloof in de almacht van de gulden snede zorgvuldig onderzoek van de historische werkelijkheid niet opgewassen is[/i]" en besluit "[i]maar laten we toch maar hopen dat de brief nooit onder ogen komt van Dan Brown[/i]."[br]van der Schoot verwijst naar een brief van Liszt aan Marie, de dochter van zijn geliefde prinses Carolyne zu Sayn-Wittgenstein waarin hij schrijft:[i] “Misschien is Zeising bereid om (. . .) af en toe iets bij te dragen aan de kolommen van het Neue Zeitschrift [11]. Ik reken erop dat jij hem daartoe aan zult zetten, en ik reken ook op jou om de geheimen van de Goldener Schnitt aan Fainéant [12] uit te leggen - een methode die ik heel graag in mijn eigen composities zou willen gebruiken.” [br][/i]Maar voor meer informatie over brief en eventueel vervolg moet je zelf het artikel lezen.

Información: tellen van maten