De school wil een drinkfonteintje plaatsen op de speelplaats. Ze willen dat de afstand tussen het drinkfonteintje en de eerste fietsenstalling en de afstand tussen het drinkfonteintje en de tweede fietsenstalling gelijk is. Je kan het punt E op de plattegrond hieronder verslepen zodat de afstand tot het punt C en het punt D gelijk blijven. De punten C en D stellen de ingang van de fietsenstalling voor. [br][br]Versleep het punt E om te kijken waar het fonteintje overal kan staan. De blauwe lijn die getekend wordt geeft alle mogelijke plaatsen van het fonteintje weer, waarvoor het fonteintje op gelijke afstand van C en D staat.
Nu hebben jullie alle punten getekend die even ver liggen van de ingang van de eerste fietsenstalling als de ingang van de tweede fietsenstalling.
Vink het vakje aan om de middelloodlijn van het lijnstuk te tekenen.[br][br][b]Wat valt je op?[/b][br]
Vul de omgekeerde eigenschap van de middelloodlijn van een lijnstuk verder aan:[br][br]ALS een punt op gelijke afstand ligt van de grenspunten van een lijnstuk DAN.........